De Ragdoll

 

Herkomst:

De Ragdoll kreeg zijn naam omdat hij zich als een lappenpop (Ragdoll) ontspant wanneer hij wordt opgetild. De voorouders van de Ragdoll zouden zijn ontstaan uit een Perzische langhaar. Ragdolls hebben ook het bloed van Heilige Birmanen, Perzen, Burmezen en huiskatten door hun aderen stromen.

Karakter:

Typisch is het rustige, zachte, meegaande karakter en hun enorme vertrouwen in mensen. Men zegt wel eens: “De hond houdt van zijn baas en de kat houdt van het huis.” Dit geldt echter zeker niet voor de Ragdoll. Hij geeft zich over aan zijn baas en wanneer mogelijk volgt hij hem op de voet. Daarnaast zouden katten van dit ras nooit krabben als ze zich in een vervelende situatie bevinden, maar alles lijdzaam over zich heen laten komen. Opgelet, ze laten zich dan ook gemakkelijk meenemen door een vreemde die aardig tegen ze is. Ze zijn sociaal, evenwichtig en passen zich enorm goed aan, zijn gesteld op gezelschap en houden ervan om geknuffeld en verzorgd te worden. Tevens zijn ze erg nieuwsgierig en altijd vrolijk.

Verzorging:

De halflange zijdezacht aanvoelende vacht van de Ragdoll vertoont nauwelijks neiging tot klitten en heeft daarom betrekkelijk weinig verzorging nodig. Eenmaal in de week losjes borstelen of kammen met een grove kam is voldoende.

Bron:

Het kattenverblijf.